Ik weet niet wat de trigger, de cue is geweest, maar vanmorgen had ik opeens een poëtisch bui. Schrijven vind ik altijd erg boeiend, maar heb me zelden laten verleiden tot het trachten te schrijven van poezie.
Niet omdat het Sinterklaasfeest weer nadert, maar eerder geïnspireerd door de stijlen Sylvian, de muzikale schilderijen van Hackett en Gabriel die pas afgeleverd zijn, en nog wat restanten in mijn geheugen van een gedicht van Judith Herzberg.
Soit,
Tijdens mijn ochtendwandeling deed zich een situatie voor die hiertoe leidde:
Weer schuiven de metalen goden
onafhoudelijk langs mijn altijd spiedend oor
dat alléén zijn werk doet
sinds jaren
en ik verlang nog steeds terug
naar het eens onverbroken verbond
voor mij
in een gelijke cadans
draagt zij
wat ons zo verdeelt
en de ochtenzon vermengt
het pastel grijs en blauw
mijn zinnen nemen flarden waar
van de resten
van wat eens groeide,
ver hier vandaan
ik zie haar uitdrukking niet
kan niet in haar ogen kijken
maar vraag me af wat ze denkt
aan het eind
buigt mijn weg
zich weg van de hare
vluchtig...
Geen opmerkingen:
Een reactie posten